Terugblik: Waarom Stad Holland een preferentiebeleid voor geneesmiddelen voert sinds 2023
Sinds 2023 heeft Stad Holland een preferentiebeleid voor medicijnen. Dit besluit is destijds gemaakt na een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) in de zaak tussen zorgverzekeraar ONVZ en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) op 7 november 2023. Hoewel wij niet achter deze uitspraak stonden, betekende dit dat Stad Holland toen ook een preferentiebeleid moest gaan voeren.
Bij een preferentiebeleid worden bepaalde geneesmiddelen door ons aangewezen als voorkeursgeneesmiddel en vervolgens verstrekt door de apotheker. Dat is anders dan onze voorgaande werkwijze, waarbij de apotheker zelf bepaalt welk merk uit een groep onderling vervangbare medicijnen (een zogenoemd cluster) wordt verstrekt.
Wij zijn er altijd fel op tegen geweest en hebben altijd gestreden tegen het preferentiebeleid. Dit omdat het de keuzevrijheid van verzekerden beperkt; iets waar we ons juist altijd hard voor maken, ondanks dat dit betekende dat we hogere kosten maakten. Daarnaast kan een aangewezen voorkeursgeneesmiddel voor verzekerden een verandering van geneesmiddel betekenen en veroorzaakt dit beleid tekorten van bepaalde geneesmiddelen.
De apotheker zou het geneesmiddel moeten bepalen
Wij vinden het aanwijzen van voorkeursgeneesmiddelen geen goede zaak. De keuze voor een geneesmiddel hoort bij de apotheker te liggen en niet bij de zorgverzekeraar. We zijn dan ook niet blij met de gedwongen overstap naar een preferentiemodel in 2023. Vasthouden aan het voorgaande beleid was echter ook niet mogelijk, omdat de kosten daarvan een te groot effect zouden hebben op de premie voor al onze verzekerden. We konden door de uitspraak dan ook niet anders.
Ons preferentiebeleid
Ons preferentiebeleid is inmiddels al ruim twee jaar van kracht. Onze uitleg, de uitzonderingen en de lijst met preferente geneesmiddelen vindt u op de pagina ‘Preferentiebeleid geneesmiddelen’.